Verengelsing op de universiteit

Studenten die besluiten een master Nederlands aan de UvA te gaan volgen, komen van een koude kermis thuis. Driekwart van de vakken binnen deze master wordt namelijk in het Engels gegeven. Ja, je leest het goed: Nederlands studeren, in het Engels.

Volkskrant berichtte eerder dit jaar al: binnen de EU wordt in Nederland, van alle niet-Engelstalige landen, het Engels het vaakst als instructietaal gebruikt op universiteiten. Ook onderzocht de krant dat tegenwoordig nog maar 30 procent van alle masters in het Nederlands is. De Vereniging van Nederlandse Universiteiten (VSNU) ziet totaal geen probleem in de verengelsing van het hoger onderwijs. Toch moeten volgens woordvoerder Bart Pierik niet álle studies Engelstalig worden. Eerder dit jaar sprak hij tegen de Volkskrant over een "zorgvuldige afweging van studies. Rechten bijvoorbeeld blijft natuurlijk in het Nederlands."

Goed, oké. Zijn punt is duidelijk. Een studie als rechten hoort in het Nederlands; deze studie richt zich over het algemeen op het Nederlands rechtssysteem. Maar waarom zijn talen- en communicatiestudies dan tegenwoordig wel steeds vaker in het Engels? Dit lijken me toch ook studies waar een uitstekende beheersing van onze moedertaal van cruciaal belang is?

Ik ben in september begonnen met de master Tekst en communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. De voertaal van mijn studie: Nederlands. Toch is bijna de helft van de vakken die ik volg in het Engels. Mijn faculteitsgenoten die de master Nederlandse taal en cultuur volgen, komen al helemaal bedrogen uit: die moeten bijna ál hun vakken volgen in het Engels. Dat betekent dat de interactie tijdens de werkgroepen, de tentamens en alle presentaties in het Engels zijn. Maar het is niet voor niets dat ik voor een Nederlandstalige master kies; ik wil me kunnen uiten in mijn eigen taal. Ik merk dat ik in de werkgroep stiller ben, omdat ik langer moet nadenken over hoe ik bepaalde dingen ga verwoorden. Tijdens presentaties sta ik toch ietwat te hakkelen en het voelt onnatuurlijk om met mijn studiegenoten in gebrekkig Engels een discussie aan te gaan.

Toch besloot ik mij aan te passen aan de internationale vibe van mijn studie en op zoek te gaan naar een stage op een Nederlandse ambassade ergens in het buitenland. Totdat de coördinator hier een stokje voor stak; ik moest een stage lopen bij een Nederlandstalig bedrijf. Waarom? "Omdat wij studenten opleiden in het Nederlands, zowel op schriftelijk als mondeling gebied. Wij trainen onze studenten in het verbeteren van interne en externe communicatie in het Nederlands." Maar als ik mijn Nederlandse communicatieve vaardigheden moet ontwikkelen, dan moeten mijn werkgroepen, presentaties en papers toch op zijn minst in het Nederlands zijn?

Ik begrijp echt dat veel wetenschappelijke artikelen in het Engels geschreven zijn en daar zal je mij echt niet over horen klagen. Ook begrijp ik dat Nederlandse universiteiten meer buitenlandse studenten willen aantrekken – daar slagen ze trouwens goed in; nog nooit eerder studeerden er zóveel internationale studenten aan Nederlandse universiteiten als in het studiejaar 2016/2017. Natuurlijk willen de talen- en communicatiestudies hierin niet achterblijven, ook zij willen studenten van buitenaf aantrekken. Maar laat het voor de Nederlandse studenten dan op zijn minst een keuze zijn: bied zowel een Nederlandstalige als een Engelstalige variant van dit soort studies aan. En neem je eigen studenten al helemaal niet in het ootje door te beweren dat de voertaal van een master Nederlands is.